reek

Het dorpje Reek ligt aan de Maas, ongeveer 6 kilometer westelijk van Grave. De naam Reek komt van 'reke' dat 'reeks' of 'lange rij' betekent. Dit vanwege de langgerekte vorm van de vroegere nederzetting. Reek is ontstaan in de Middeleeuwen. Het behoorde tot het Land van Herpen, later Land van Ravenstein. Naast de dorpskern omsloot Reek de gehuchten Driehuis, Duifhuis, Straat en Hoefkens.
 
In de periode 1800-1942 was Reek een zelfstandige gemeente. Het grondgebied van Reek telde ruim 1280 hectare en de gemeente Reek groeide van 700 inwoners in het begin van de 19e eeuw naar ongeveer 1000 in 1942. De landbouw vormde de voornaamste bestaansbron, maar de opbrengsten van de kleine bedrijven bleven lang gering. Vóór de kanalisatie van de Maas trad de rivier regelmatig buiten haar oevers en zette daarmede grote delen van Reek, soms voor maanden onder water. Hierdoor kon vruchtbare grond slechts als grasland gebruikt worden.
 
Wegens het geringe aantal inwoners pleitten diverse bestuurders in de 19e eeuw om de gemeente op te heffen. Dit gebeurde uiteindelijk op 16 juli 1942, onder de Duitse bezetting. Er ontstond een nieuwe indeling, Grave kreeg het gebied de Bergen, het Duifhuis ging voor het grootste gedeelte naar Zeeland en het overgebleven deel maakte voortaan deel uit van Schaijk. Op 1 januari 1994 werd ook deze gemeente opgeheven en bij de nieuwe fusiegemeente Landerd gevoegd.

Reek heeft twee hoofdwegen, de Heytmorgen en de Monseigneur Borretstraat. Zoals in vroegere tijden staat ook hier de kerk nabij het kruispunt van beide wegen. Het karakter van de kern wordt bepaald door verspreid liggende boerderijen en enkele woonhuizen. Uitbreiding vond in eerste instantie langs de hoofdwegen plaats, de eerste planmatig opgezette uitbreiding dateert uit de jaren vijftig aan de zuidoost kant van Reek. Hier ontstaan nieuwbouwwijken, zoals het Kennedyplein. In 1968 komt er een uitbreiding in de omgeving van de Soeterstraat en later ontstond de woningbouw rondom het bejaardencentrum.

 

reek op de kaart